In geval van cv-storingen en/of vragen kunt u 24 uur per dag bellen met Kemkens Installaties BV, telefoonnummer 088 - 5050330. Let op! Heeft u leveringsovereenkomst voor warmte met Eteck (0182-621630), Vaanster (0900-82267837) of Dubotechniek (0418-597450), dan kunt u rechtstreeks met uw leverancier contact opnemen.

Voordat u belt raden wij aan eerst even onderstaande punten te controleren. Wellicht kunnen de tips u helpen het probleem zelf op te lossen en onnodige kosten op uw eigen rekening voorkomen. 

Controleer vooraf of:

  • De kamerthermostaat hoog genoeg staat ingesteld.
  • De stekker in het stopcontact zit en er spanning (stroom) op staat.
  • De waakvlam brandt (indien aanwezig).
  • De resetknop op de ketel is omgezet.
  • Er – in geval er sprake is van een combiketel – een warmwaterkraan drupt. Sluit dan de kraan.
  • De installatie moet worden bijgevuld of ontlucht.
  • De radiatorkranen zijn geopend in de ruimte waar de kamerthermostaat hangt.

Doet uw verwarming het nog niet?

Noteer de storingscode (als deze op de ketel wordt aangegeven) en bel de servicelijn van Kemkens.

Water bijvullen

De waterdrukmeter die op of vlakbij de ketel zit, geeft aan of de waterdruk nog voldoende is. Zodra de druk lager is dan één bar moet er worden bijgevuld. Enkele keren per jaar water bijvullen is normaal. Als dit vaker moet, is het aan te raden om de servicelijn van Kemkens te bellen.

Hoe vult u water bij?

  • Bevestig de vulslang aan de koudwaterkraan.
  • Laat de slang langzaam vollopen met water, zodat er geen lucht bij kan.
  • Sluit nu het uiteinde van de slang aan op de vulkraan van de ketel.
  • Open de koudwaterkraan en de vulkraan van de ketel (het streepje staat dan in het verlengde van de leiding)
  • Vul de installatie langzaam tot een druk van 1.5 tot 2 bar. Let op: de druk mag beslist niet boven de 2 bar komen!
  • Sluit beide kranen (bij de vulkraan staat het streepje dan dwars op de leiding).

Vergeet niet te ontluchten

Als de ketel is bijgevuld, moet u de installatie nog ontluchten:

  • De installatie moet dan wel eerst op temperatuur zijn.
  • Daarna schakelt u de stroom uit en opent u alle radiatorkranen.
  • Zet de kamertemperatuur lager en wacht een kwartiertje totdat de ketel is afgekoeld.
  • Dan kunt u de radiatoren één voor één ontluchten door het ontluchtingsschroefje iets los te draaien. Hierdoor kan de lucht ontsnappen.

Als u meer verdiepingen heeft, moet u beneden beginnen met ontluchten. Daarna gaat u steeds een verdieping hoger. Ontluchten is ook nodig als de radiator maar voor de helft warm wordt of als u een borrelend geluid hoort. Controleer na het ontluchten de waterdruk. Deze kan afnemen na het ontluchten. Als het nodig is, vult u water bij. Als de verwarming is bijgevuld en ontlucht, kunt u de stroom weer inschakelen en de kamerthermostaat hoger zetten.